Petrogliefen van Alta


Gek dat op de terugreis vanaf de Noordkaap de Noorse stad Alta, 400 km boven de poolcirkel, als bijna thuis aanvoelde. En dat was eigenlijk zo. Nog twee flinke etappes en dan zou de autoslaaptrein ons vanuit Rovaniemi terugbrengen naar Helsinki voor de ferry naar Travemünde. Misschien waren we ook zoetjesaan uitgekeken geraakt op al het natuurschoon van voorgaande dagen en begon de nestgeur ons te roepen.  

De inwoners van Alta kunnen weliswaar niet bogen op moeders mooiste fjord ware het niet dat vele eeuwen voor christus de nomadische Sami jagers er graag verbleven, hun cultus beoefenden en dit in de rotsen aan de waterkant lieten weten. Niemand die oog had voor die rotsen totdat zo'n vijftig jaar geleden een Altaer per toeval geometrische figuren opmerkte die niet door verwering konden zijn ontstaan.  En dus was het hek van de dam. 

Op mijn hoede voor nepgravures kon ik het niet nalaten om mijn wantrouwen over de echtheid van de kleuren van de gravures en het rotsoppervlak met de gids te delen. En inderdaad .... De rode kleur van de in de rots gekraste tekeningen is in ieder geval nep. 'Om ze beter zichtbaar te maken,' vertelde de gids. 'En de blanke huid van de gladde rotsen uitlopend in het fjord?' vroeg ik door. 'Ja, die ook. Want de rotsen zijn bewerkt om de tekeningen tegen weer en wind te beschermen.' 'Toch een aanzienlijk nepgehalte, nietwaar?' 'Ok, ok, maar de tekeningen zijn echt.' Ach, denk ik, Alta moet ook haar bezienswaardigheid hebben voor de busman. Alleen, welke busman is nu geïnteresseerd in rode schilderingen? Zouden ze dan toch duizenden jaren oud zijn? Ik geef het op. Noord wordt zuid, oost wordt west. Ik geraak in de war door die dagelijks doorstartende zon, zelfs duizelig bij het voelen van de draaiing van de aarde om haar as.

Fotogalerij